Pinkstergrief 2020, Eric LOZADA

Uitgelicht

“Kom, Heilige Geest in onze harten en zend vanuit de hoge hemel een straal van uw licht. Kom in ons, Vader van de armen. Kom, schenker van gaven. Kom, licht van onze harten. Soevereine Trooster, zachtmoedigste gast van onze ziel, … kom en vul de intimiteit van het hart van al uw gelovigen. Was wat onrein is. Verfris wat droog is. Genees wat gewond is. Buig wat onbuigzaam is. Verwarm wat koud is. Maak recht wat vervormd is.” (uit het Veni Sancte Spiritus)

Geliefde broeders,
met een grotere intimiteit en aandacht, bid ik samen met jullie dit gebed tot de Geest. Het Coronavirus heeft ons allemaal gedwongen om stil te vallen en een diepere blik te werpen op wat er lokaal en wereldwijd is gebeurd, wat ons heeft gebracht tot waar we nu staan, zodat de Geest ons kan leiden naar nieuwe wegen van creativiteit. De pandemie leert ons dat onze wereld moet worden vernieuwd, anders zullen we allemaal omkomen. Onze aandacht voor ieder mens, voor de manier van werken in het gezin, voor buurtgemeenschappen, voor scholen, kerken, religies, politiek, economie, technologie, sociale media, onze zorg voor Moeder Aarde, dit alles moet gebaseerd worden op principes die meer universeel en inclusief, rechtvaardiger, minder oordelend en tegenstrijdig zijn, zodat we opnieuw kunnen gedijen als een beschaving van liefde en leven.

We verwelkomen de Geest opnieuw met Pinksteren, maar op de een of andere manier vergeten we dat de Geest vanaf het begin in Genesis aanwezig was (vgl. Genesis 1,2). De werking van de Geest heeft altijd bestaan uit het brengen van orde in de chaos om leven te geven, om ons naar alle waarheid te leiden en ons alles te leren wat we moeten weten (Joh 16,13). Maar dezelfde Geest blaast waar hij wil en we kunnen niet zeggen waar hij vandaan komt of waar hij naartoe gaat (Joh 3,8). Ons theologiseren, onze berekend denken en onze planningen kunnen de weg van de Geest niet voorspellen noch afremmen. Hij verrast ons altijd, verruimt onze visie en bevrijdt ons hart steeds meer van alle belemmeringen, zodat we vrij zijn voor God in onze wereld. Net zoals we geen lucht kunnen zien of stilte, vernieuwt de Heilige Geest onze wereld op een manier die buiten ons gezichtsveld ligt. We moeten gewoon in elk moment aanwezig zijn bij Zijn aanwezigheid.

Onze wereld, met inbegrip van onze Moeder Aarde, is in de greep van het baren en in paniek over hoe de toekomst er uit zal zien na de pandemie. De grote mystica, Julian van Norwich, zegt in haar 13de openbaring: “Alles, maar ook alles, wat het ook mag zijn, zal goed komen.” Zij legde uit dat dit betekent om in alle omstandigheden blij te zijn, hoe ongunstig ook. Want uiteindelijk zal Christus alle dingen recapituleren. We moeten voorzichtig zijn met de manier waarop we deze boodschap ontvangen. Betekent het dat we gewoon onze armen mogen kruisen en alles aan God overlaten? Is het een soort zachte theologie die manna uit de hemel belooft te midden van ons lijden? De pandemie leert ons hoop.

Hoop is het vermogen om de toekomst in de handen van de liefhebbende God te leggen. Hoop is niet iets zachts, het vraagt strijd om te hopen. We worstelen omdat het lijkt alsof het kwaad, de tirannie, het geweld, de angst en de dood meer overheersen dan het goede, de vrede, de eenheid, de liefde en het leven. Gods antwoord op het kwaad is verborgen in de opgestane Christus. Hij heeft zijn Zoon nooit gered van de smeltkroes van het lijden, maar hij heeft hem uiteindelijk bekrachtigd met een nieuw leven nadat hij door onmacht, angst, geweld en dood was gegaan. Uiteindelijk zal God ons rechtvaardigen en de wereld en al haar systemen laten zien hoe verkeerd het in vele opzichten was (vgl. Joh. 16,8). Maar wij moeten beslissen. Zullen we tegenover het kwaad en het lijden ons hart laten domineren door angst, wanhoop, onverschilligheid, bitterheid, boosheid, teleurstelling of zullen we opener, ontvankelijker, liefdevoller, vergevingsgezinder en levensvervullender worden? De Geest vernieuwt onze wereld en de hele schepping op een geduldiger, zachtaardiger en nederiger wijze. We worden uitgenodigd om ons niet te verzetten tegen, maar om Gods plan voor onze wereld te volgen.

Dus, wat moeten we doen? Wat zijn de kansen en uitdagingen die ons worden geboden en die we met hernieuwde moed en hoop tegemoet moeten treden? Iemand zei ooit: “Vandaag de dag hebben we geen grote mannen met een klein hart nodig, maar kleine mannen met een groot hart, omdat alleen de kleinen en de kleine dingen door het oog van een naald kunnen komen”. Kleine daden van vriendelijkheid, uitgevoerd met overvolle en toegewijde harten. Ons nieuw normaal leven vandaag de dag vraagt de noodzaak om terug te keren naar de fundamenten van het leven volgens het Evangelie, de lichamelijke en geestelijke werken van barmhartigheid. Onze eigen broeder Charles heeft ons een spiritualiteit nagelaten: Jezus navolgen in Nazareth, de laatste plaats zoeken, eenvoudig leven, het apostolaat van goedheid doen voor één persoon tegelijk, een broeder en vriend worden van elke persoon ongeacht kleur, geloofsovertuiging of status, dicht bij de armen leven. Paus Franciscus spoort ons aan om naar de periferie te gaan, getuige te zijn van de vreugde van het Evangelie, minderjarigen en kwetsbare volwassenen te beschermen, zich in te zetten voor een voortdurende vorming, om Moeder Aarde, ons gemeenschappelijk huis, te beschermen. We moeten ook met nieuw enthousiasme terugkeren naar de fundamenten van onze spirituele praktijk: dagelijkse aanbidding, dagelijkse meditatie van het Evangelie, levensherziening, maandelijkse woestijndag, fraterneitsbijeenkomst. We hernieuwen onze trouw aan deze praktijken niet om onszelf te perfectioneren, maar om meer verantwoordelijkheid te nemen voor deze geschenken en de vruchten ervan oneindig te laten overvloeien naar anderen, totdat God zelf verheerlijkt is in hun eigen leven.

Broeders, in deze tijd van pandemie ontvangen we een speciale gave van onze Moederkerk: het decreet van heiligheid van broeder Charles. Samen met de andere leden van de geestelijke familie, waaronder degenen die door broeder Charles zijn geïnspireerd maar geen ‘gecanoniseerde’ leden van de geestelijke familie zijn, danken wij de Geest voor deze gave. We hopen en bidden dat het leven, de boodschap, de intuïtie en de erfenis van broeder Charles meer beschikbaar zal komen en voor velen een inspiratiebron zal zijn, zoals de Geest dat wil. Ook voor onszelf bidden we voor een grotere vastberadenheid om in ons leven en in ons ministerie te getuigen van waar broeder Charles voor leefde.

Ik sluit mijn brief af met de collecte van de mis van vandaag: “Vader, heilig uw Kerk in elk volk en elke natie. Stort de gaven van de Heilige Geest uit over het gelaat van de aarde.”

Dank u wel. We blijven elkaar en onze wereld dragen in gebed. Dank ook om ook voor mij te bidden.

Je broer en verantwoordelijke dienaar,
Eric LOZADA
Filipijnen, 31 mei 2020

PDF: Pinksterbrief van de Algeme Verantwoordelije. Eric LOZADA, Pentec.2020, neer

(Vertaald in het Nederlands door Guido DEBONNET)

Paasbrief 2020 aan de broeders uit de hele wereld. Eric LOZADA

Uitgelicht

Filippijnen, 12 april 2020

Ik ben verrezen en ik ben altijd met jullie. Alleluja. (cf. Ps 139, 18)

Beminde broeders,

ik schrijf je vanuit mijn hermitage, in afzondering zoals velen onder u. Deze opgelegde opsluiting is een uitzonderlijke uitnodiging tot trouwe en intense dagelijkse aanbidding, meditatie van het Evangelie, woestijndag, levensherziening, gebed voor de wereld, heel bijzonder voor de armen. Een leven gekenmerkt door eenzaamheid en gebed is onze nederige daad van liefde voor de wereld in pandemie gehuld.

Als ik door mijn raam kijk, bemerk ik tekenen van nieuw leven in de natuur. Het is droog en vochtig hier, maar de vogels fluiten hun uniek repertorium liederen, de vlinders vliegen zacht van bloem tot bloem op zoek naar nectar, de bomen staan groen en geven schaduw in de drukkende warmte. Het is prachtig hoe de natuur haar eigen manier heeft waarop ze de verijzenis aankondigt! Geen zorgen, volledige overgave aan God die zich er om bekommert. Wij, mensen, geacht een superieur ras te zijn omwille van ons verstand, verzwakken systematisch het vertrouwen in God van dag tot dag en we rekenen des te meer op onze egoïstische gedachten. Deze gedachten zijn eveneens de oorzaak van geweld, van haat en van wantrouwen. De verrijzenis biedt ons vergeving, liefde en vertrouwen aan. De wereld moet kiezen.

Wij zitten in verplichte gemeenschappelijke quarantaine tot 3 mei, maar de priesters ontvangen vrijgeleiden voor liturgische en caritatief werk. Ik maak er elke dag gebruik van om bezoek te brengen aan personen waar ik uitgenodigd word om stervenden en families in rouw nabij te zijn, om de dialoog in families te vergemakkelijken, om voedsel en geld te schenken aan zij die afgewezen zijn. Iemand spoorde mij aan om mensen nabij te zijn in hun onmacht, vooral wanneer ze niet naar de kerk konden om te bidden. De Aanwezigheid

(van God) die door mijn aanwezigheid wordt gebracht, is voor hen een rustgevende en versterkende balsem. Ik ben er evenwel heel aandachtig voor om de hygiënische protocollen te volgen en de nodige afstand te bewaren, teneinde niet meer schade te brengen in de communiteit. Vanmorgen kwam mijn vriend Lemuel uitgehonderd naar mijn hermitage, met verwilderde blik. Hij vroeg eten voor zijn vier jonge uitgehongerde kinderen. Lemuel werd ontslagen. Door hem wat levensmiddelen te schenken voel ik mij gelukkig, maar ik merk ook de onzekerheid in zijn ogen.

Na het gebed deze morgen, kijk ik langdurig naar de wereldkaart aan mijn wand. Mijn ogen zijn gericht op de vier continenten: Afrika, Europa, Azië, de beide Armerika’s. Het virus is inderdaad een volledige gelijkmaker, want de rijke en de arme landen lijden aan hetzelfde lot. Ik zie de gezichten van geneesheren, verplegenden, patiënten, hun ongeruste en verschrikte families, allen worstelend voor het leven. (Terwijl ik schrijf, krijg ik het nieuws dat mijn zus die als verpleegster werkt in de Verenigde Staten, positief getest is op Covid. Haar familie is ook bedreigd.)

De wereld maakt zijn passietijd door. Ik zie overal gezichten van onmacht, van schrik, van tristesse, van haat, van geweld in meerdere vermommingen. Ik vraag mij af wat daarin vandaag de boodschap van de Verrezen Christus is aan onze wereld? Waartoe nodigt God ons uit om te zien? Waar leidt Hij ons heen? Betekent de verrijzenis dat Hij ons van dit alles zal redden? Wat is het antwoord van God op zijn volk in pandemie? Hoe kun je de zachte boodschap van de opstanding horen temidden van het overweldigende nieuws van dood, lijden, conflicten? Waar is de weg naar hoop en nieuw leven in deze moeilijke periode?

Broeders, wil met mij mee lijden omwille van deze vragen. Ik heb jullie nodig, we hebben elkaar nodig, de mensen hebben ons nodig. De verrijzenis is geen goedkope vreugde en haar boodschap bevat ook verzachtende woorden om ons van onze kwellingen te redden. We moeten onze oren spitsen en onze harten verruimen om de Boodschap te horen. We strijden met God om antwoorden, ook als zijn antwoord verborgen is in zijn zwijgen.

Ik vind dat de lezing van het verrijzenisverhaal volgens Johannes dit jaar een Kairos is. Sommige details bij Johannes kunnen ons helpen de Boodschap te zien en te horen. Maar aangezien ik niet goed gevormd ben in Bijbelse hermeneutiek, zal ik een biddende reflexie van de tekst doornemen. Wees genereus als het je naïef lijkt.

Laat me drie dingen benadrukken. Ten eerste, Johannes spreekt over de opstanding als plaatsvindend ‘op de eerste dag van de week, als het donker is’ (Johannes 20, 1a). De opstanding ontspringt aan de fundamenten van onze mensheid en wereld, die leeft in de duisternis van onwetendheid. Het herinnert ons aan Genesis toen de wereld donker en vormeloos was en de Geest boven de donkere wateren zweefde. Toen zei God: “Laat er licht zijn en er was licht” (Gen 1: 2-3).

Vandaag is de wereld in het duister van de pandemie. De toekomst ziet er voor velen nog somberder uit. Hoe zullen bedrijven, de overheid en de mensen ooit kunnen recupereren? Vinden onze strategische planning, onze optimistische prognoses de remedie en voldoende licht om ons een mooie toekomst te bezorgen? Te midden van de totale duisternis waar de grondslagen van de wereld door elkaar geschud lijken, barst het Licht van Christus, uit. Kunnen we het zien? Het ‘zien’ zal niet komen uit onze menselijke logica, want hetzelfde fenomeen wordt gemakkelijk gecapteerd door de duisternis. Het licht komt van de verrezen Christus zelf. Zal God ons behoeden voor dit kwaad? Helemaal niet, want het kwaad doet wat het doet. Wel is het God die redt. Hij bevestigt uiteindelijk de deugdzaamheid, de goedheid en de trouw als wij door het kwaad en het lijden heen gaan, juist zoals hij het bij Jezus heeft gedaan. Uiteindelijk zijn het God en de verrezen Christus die het kwaad en de dood beheersen. Dat is ons credo. We hoeven alleen maar vertrouwen te hebben in zijn waarheid en deze elke dag opnieuw te beleven.

Ten tweede wijst Johannes er ons op dat Maria van Magdala de eerste was die het graf open zag. (Joh. 20, 1b) Ze was bedroefd omdat ze nog geen verband kon leggen tussen het open graf en de opstanding. Pas na het huilen zag ze de Verrezene (vgl. Joh. 20, 11 e.v.). Het is een uitnodiging voor ons om onze realiteit te zien door de zachte lens van het vrouwelijke – in verdriet en in tranen. Deze twee bereiden het hart voor op een waar visioen. Er zijn veel dingen waar we vandaag verdrietig over zijn. We zijn in tranen omdat we op de een of andere manier deel uitmaken van deze gewonde, gebroken en gewelddadige wereld en in veel opzichten hebben we bijgedragen aan dit geweld en de kwetsuren ervan.

Uiteindelijk vertelde Maria aan Petrus en Johannes wat ze had gezien. Petrus en Johannes zagen hetzelfde. Petrus zag. Johannes zag en geloofde. Ze begrepen nog niet de volle betekenis van de opstanding (vgl. Joh 20, 2-9). Dit detail leert ons dat we, om een ​​nieuw leven te ervaren, elkaar moeten ontmoeten en samen moeten wandelen als één gemeenschap van zoekers naar de waarheid. Onze realiteit is een gedeelde visie en niemand monopoliseert het geheel of maakt zijn aandeel in het geheel absoluut. Iedereen draagt ​​ertoe bij. Elk gelooft dat de ander iets kan bijdragen. De waarheid maakt ons nederig, want in plaats dat wij ze bezitten, bezit zij ons. De waarheid ligt nog steeds buiten ons. We hebben dus ieders bijdrage nodig. De waarheid is een gratis geschenk dat zich onthult aan een dynamische gemeenschap van pelgrims die met hoop op zoek gaat. Helaas wordt macht in onze postmoderne wereld verward met waarheid. Zo wordt men van zijn kant arrogant en verabsoluteert men zijn deel tot de hele waarheid. Het is eenzelfde mentaliteit die oorlog en geweld veroorzaakt. De opstanding daarentegen geeft vrede en vergeving. We moeten kiezen.

Broeders, wij gaan vandaag verder in het zoeken om de waarheid in de Verrezen Heer met elkaar te delen door de eenzaamheid van het gebed en door onze broederlijke en missionaire activiteiten. Broeder Charles toont ons een weg. Hij gaat ook met ons mee in ons verlangen om Jezus van Nazareth te volgen, om een universele broeder te worden, om Nazareth te beleven, om mee te leven met de armen, om ons leven te herzien, om het evangelie uit te schreeuwen door onze levenswijze, om ons als schapen te voelen in onze zending naar de periferie, om het evangelie te beleven nog voor we het preken. Dat is onze spiritualiteit als diocesane priesters in het spoor van broeder Charles. Het is vandaag ook ons geschenk aan de wereld en aan de Kerk. Wat dit geschenk betreft, het is geen verdienste: we moeten het geschenk telkens weer bijsturen door de praktijk. Hierin zijn we allen beginnelingen en samen strijdmakkers. We moedigen elkaar aan om voort te doen en om terug te keren naar onze praktijk.

Mijn nederig gebed voor elk van jullie. Bid ook voor mij.

Eric LOZADA

(Vertaald uit het Frans door Guido DEBONNET)

PDF: Paasbrief-2020-Eric-LOZADA-verantwoordelijke-neer